Met pensioen en dan weer gaan werken. Wat betekent dat voor mijn belastingaangiftes?

Gepensioneerden hebben vaak inkomsten uit twee bronnen, namelijk een AOW-uitkering en een aanvullend pensioen. Dit kan per persoon verschillen. Wanneer iemand na pensionering weer gaat werken, komt daar een extra inkomstenbron bij.
Bij de loonverwerking wordt dit inkomen doorgaans gezien als een afzonderlijke (extra) inkomstenbron naast AOW en pensioen. Hierdoor kan het totale jaarinkomen hoger uitvallen dan waarop de loonheffing per bron is gebaseerd.
Dit kan ertoe leiden dat er gedurende het jaar te weinig loonbelasting wordt ingehouden. Het is daarom belangrijk om hier rekening mee te houden en eventueel een voorlopige aanslag bij de Belastingdienst aan te vragen om bijbetaling te voorkomen.

Waar is de fiscus op gebrand als het gaat om AOW’rs die door willen werken?

De belastingdienst trekt ten strijde tegen schijnzelfstandigheid, dat wil zeggen: mensen die als zelfstandige (zzp’er) werken en betaald krijgen maar eigenlijk in loondienst moeten zijn en alle belastingen en premies moeten voldoen.
Dit doet de fiscus breed in de samenleving, dus ook bij de AOW’ers die (weer) aan de slag willen en betaald werk verrichten.
Wat is het geval?
Laten we het voorbeeld nemen van Jantine Smit. Zij is financieel adjunct directeur en gaat met pensioen. Na een paar maanden luieren kriebelt het bij Jantine: zij mist haar werk, zij mist de sociale contacten en wil weer aan de slag. Op een verjaardagsfeestje ontmoet zij Piet de Keizer, de gemeentesecretaris van de gemeente waar Jantine woont. De Keizer is de wanhoop nabij: hij heeft een functie van controller al maandenlang openstaan en binnenkort moeten alle jaaropgaven opgesteld worden. Jantine biedt aan hem te helpen. De Keizer voelt daar wel voor maar zegt er gelijk bij: “Jantine, je lijkt me een goeie, maar ik kan je niet in dienst nemen gezien de lopende procedure.”
 Jantine denkt even na en zegt dan: “Nou, ik kan het ook op freelance basis doen. Als wij gewoon een aantal uur per week afspreken en een tarief per uur, dan factureer ik dat gewoon per maand.”
Kijk: daar gaat het dus mis! Want de belastingdienst gaat met het Deliveroo-arrest in de hand hier dwarsliggen en stelt: hier is sprake van schijnzelfstandigheid. Jantine is namelijk helemaal geen zzp-er die als ondernemer door het leven gaat. Jantine moet dus gewoon in loondienst. Zowel de gemeente als Jantine zelf komen hierdoor in de problemen.
De Neeven voorkomt dit door Jantine met een uitzendbeding in dienst te nemen en uit te zenden naar de gemeente. Wij zorgen ervoor dat alle belastingverplichtingen zoals afdracht van loonbelasting fiscaal correct plaatsvinden. Hierdoor kan Jantine lekker door blijven werken en is de gemeente uit de problemen.

Doorwerken: wat gebeurt er met de AOW-premie?

Wat gebeurt er met de AOW-premie als je doorwerkt na je pensioen? Die vraag krijgen we vaak. Het antwoord is: Die premie vervalt. En dat scheelt 17.90% (2026). Deze premie wordt geheven over het box 1-inkomen tot een maximum van ca € 38.883.
Voor de werkgever verandert er niets of die nu een AOW’er of een niet-AOW’er in dienst neemt. De werkgever betaalde immers al 0% van de premie.
Wat betekent dit voor je persoonlijke belastingdruk? Het antwoord is: dat is afhankelijk van het inkomen dat je verder geniet. Heb je bijvoorbeeld èn AOW èn pensioen dan kan het zijn dat jouw verdiensten met betaald werk al in de hoogste schijf vallen. Maar heb je geen aanvullend pensioen dan is de situatie alweer anders. Kortom: de premiedruk is minder, maar hoeveel dat uiteindelijk scheelt is afhankelijk van ieders persoonlijke situatie.

AOW’er die wil doorwerken: uitzondering of regel?


Hoe groot is de groep van gepensioneerden die wil doorwerken. Verschillende onderzoeken wijzen uit dat die behoorlijk groot is: · ongeveer 4 op de 10 AOW’ers (±40%) zouden wel weer betaald willen werken. In absolute aantallen gaat het om grofweg 200.000 tot 250.000 potentiële werkenden. Maar hoeveel gaan daadwerkelijk weer aan de slag? Dat ligt duidelijk lager: ongeveer 8% van de 67-plussers werkt na de AOW-leeftijd.
Kortom: een grote groep AOW’ers staat open voor doorwerken, maar slechts een kleinere groep doet het ook echt. Beleidsmatig kan dit gezien worden als een “onbenut arbeidspotentieel”, zeker in tijden van personeelstekorten.
Het zijn overigens vooral hoger opgeleiden die willen en kunnen doorwerken. Ze hebben vaak minder fysiek zwaar werk (gedaan) met een grote mate van autonomie.
Wat zijn de belangrijkste redenen om door te willen werken? De belangrijkste zijn: extra inkomen (zeker bij kleinere pensioenen), sociaal contact en zingeving, actief blijven / structuur houden
Interessant is ook: bij hoger opgeleiden speelt zingeving vaak een grotere rol, bij lager opgeleiden relatief vaker financiën.

Komt mijn AOW en/of pensioenuitkering in gevaar als ik doorwerk?

Iedereen die de pensioengerechtigde leeftijd bereikt heeft recht op AOW en – afhankelijk van de persoonlijke situatie – op een aanvullend pensioen. Dit recht blijft overeind voor diegenen die na hun 67e willen blijven werken. Daar verandert dus niets aan. Dat betekent dat alle pensioeninkomsten gewoon door blijven gaan, en dat de verdiensten uit betaald werk daar bovenop komen. Uiteraard moet hier wel loonbelasting over betaald worden.